• Bel ons053-431 78 08

  • Adviezen bij vuurwerkangst of onweerangst
  • Kennelhoest
  • Overgewicht
  • Titerbepaling met VacciCheck

Adviezen bij vuurwerkangst of onweerangst

Adviezen bij vuurwerkangst of onweerangst

Elk jaar hebben veel honden en katten extreem veel last van het afsteken van vuurwerk rondom oudejaarsavond. Mocht uw huisdier hier last van hebben probeer dan dit probleem te vermijden. Ga indien mogelijk op vakantie met uw huisdier naar een vuurwerkvrije locatie. Of breng hem naar een goed pension waar hij het prettig vindt en waar geen vuurwerk afgestoken zal worden. Zorg dat u volgend jaar op tijd naar de dierenarts gaat voor een advies over het behandelen van vuurwerkangst. Ook kunnen honden en katten veel last hebben van onweer. Onweer is helaas lastig te voorkomen.

Moet uw dier toch blootgesteld worden aan vuurwerk of onweer? Volg dan deze adviezen:

1. Sommige dieren hebben angstremmende medicatie nodig, ook als ze al in behandeling zijn geweest tegen vuurwerk- of onweerangst. Geef uw hond of kat zijn/haar medicatie op tijd. Beter te vroeg dan te laat! Ook kunt u oordoppen of een koptelefoon (speciaal ontwikkeld voor honden) en/of speciale brillen gebruiken voor honden om de prikkels van het vuurwerk of onweer (geluid en/of lichtflitsen) te verminderen. Gebruik deze echter niet zomaar bij uw hond. De hond moet getraind worden om deze attributen te dragen.

2. Als u denkt dat de kans bestaat dat er vuurwerk zal worden afgestoken of dat het gaat onweren, blijf dan bij voorkeur thuis of zorg dat er een andere volwassene in huis is. Laat nooit een hond of kat alleen, die mogelijk een zeer angstige of fobische reactie op het afsteken van vuurwerk of onweer zal hebben.

3. Hang borden bij de ramen en deuren met het verzoek aan mensen om zo ver mogelijk bij uw huis vandaan te blijven met de reden waarom, bijv. “hond/kat ernstig bang voor vuurwerk; houd a.u.b. afstand met vuurwerk.”. Ook kunt u in de dagen voor vuurwerkevenementen uw buren informeren dat uw hond of kat er enorm last van heeft en hen verzoeken geen vuurwerk in de achter-of voortuin af te steken, maar afstand te houden. Helaas zal in sommige gevallen een dergelijk verzoek mensen juist aanmoedigen om vervelend te doen. Mocht u dit van tevoren vermoeden, volg dan dit specifieke advies niet.

4. Zorg dat u uw hond op tijd uitlaat op oudejaarsavond of minstens twee uur voordat het gaat onweren (check op buienradar.nl). Laat uw hond altijd aangelijnd uit, zodat hij/zij niet kan wegrennen als hij/zij ergens van schrikt. Als uw hond wegrent, wordt zijn/haar gedrag intern (in de hersenen) beloond. Dit noemen we zelfbelonend gedrag: uw hond lost zijn/haar probleem op als hij/zij na de vlucht niet meer aan de prikkel (het geluid/zicht/geur van vuurwerk/onweer) is blootgesteld. Dit wordt als belonend beschouwd en uw hond zal het dus vaker gaan doen. Laat een kat met vuurwerk- of onweerangst er nooit uit op oudejaarsavond (of als u weet dat er vuurwerk afgestoken zal worden of onweer wordt verwacht); houd ze altijd binnen en zorg dat de kat genoeg voorzieningen heeft (voer, water, kattenbak, spelletjes etc.).

5. Doe alle ramen, gordijnen, rolluiken, jaloezieën en deuren dicht (dit dempt niet alleen de geluiden maar ook de lichtflitsen van afgestoken vuurwerk en veranderingen in lichtflitsen van bliksem enz.).

6. Laat wel wat lampen branden en zet de radio en/of televisie aan (dit dempt de geluiden van buiten af).

7. Mocht u zelf van het geluid van het afgestoken vuurwerk of de knallen van onweer schrikken, zorg dan dat u snel herstelt en het goede voorbeeld geeft aan uw huisdier.

8. Als uw hond volledig in paniek raakt, aai hem/haar dan niet, want dat kan tot opwinding leiden. In plaats van uw hond te aaien, houdt u hem/haar stevig vast (doe dit niet met eenkat) en masseert u hem/haar met lange/diepe handbewegingen. U kunt een dier niet echt belonen voor het vertonen van echt angstig gedrag. Maar let op, een hond die echt weg wil, kan gaan bijten als u probeert om hem/haar tegen te houden. Ken uw hond. Doe dit alleen als het lijkt te helpen door hem/haar ondersteuning aan te bieden. Als de hond echt weg wil, laat hem/haar los. Probeer niet een angstige kat die in paniek is, vast te houden. Mocht de kat (of de hond) bij u op schoot willen zitten, dan kan dat.      

9. U hoeft uw hond of kat niet te negeren als hij/zij angst vertoont. Probeer om de hond naar zijn/haar veilige plek te brengen of begeleiden en praat tegen hem/haar op een rustige, kalmerende, normale manier. Als het dier fysiek contact zoekt en daarvan rustiger wordt, biedt dat dan ook aan. Laat de hond lekker tegen u aanliggen of de kat bij u op schoot komen, als hij/zij daar behoefte aan heeft. Probeer het dier af te leiden door te spelen of andere leuke dingen (dan wordt vuurwerk door de hond gekoppeld aan iets positief).

10. Beloon uw dier royaal als hij/zij gewenst gedrag vertoont op het moment dat er vuurwerk wordt afgestoken of er een knal van donder is (of flits van bliksem) en uw hond/kat rustig blijft of even naar de bron van het geluid kijkt, maar snel herstelt.

Hoe maak ik een veilige plek voor mijn hond of kat?

1. Gebruik de plek waar uw hond of kat zichzelf verstopt als hij/zijangstig wordt of rust zoekt. Als hij/zij nog niet zo’n plek heeft, creëer er dan eentje. Kies in de woonkamer waar het gezin verblijft een hoek zo ver mogelijk bij ramen en deuren vandaan of een plek waar uw hond of kat in de buurt van mensen is (als hij/zij liever bij mensen blijft). Of kies een inpandige (kleine) ruimte (bv een badkamer), die goed beschermd is en ver van deuren en ramen vandaan is. Train de hond om naar deze plek te gaan om rust te vinden of laat hem/haar dan op het lievelingskleed of - kussen gaan liggen in de ‘veilige haven’*. Ook kunnen katten op een vergelijkbare manier getraind worden of u kunt het kattenmandje of bedje daar naartoe brengen. Voor katten is een veilige plek vaak ergens verstopt in een kledingkast of ergens hoog bovenop. Dit is ook prima.

2. Nu de veilige plek is gecreëerd moet de hond of kat leren dat dit de plek gaat worden waar hij/zij als hij/zij angstig is heen kan gaan om te kunnen ontspannen. Dit kunt u bereiken door regelmatig naar de veilige plek te lopen met iets super lekkers (zorg dat het dier dit wel ziet). Net voor het dier daar inloopt, zegt u het woord “haven” (een andere woord is ook prima zolang het verder niet bekend is bij het dier). Als de hond de bench in gaat of op het kleed/kussen ligt of de kat in zijn mandje/bedje gaat, dan beloont u hem met wat heerlijks. Doe deze oefening minimaal twee a drie keer per dag gedurende één tot twee weken totdat de hond het commando volledig begrijpt. Als de hond het snapt kunt u hem/haar af-en-toe gaan belonen met een (kauw)botje of gevulde Kong tussendoor, zodat hij/zij ook wat langer op zijn/haar veilige plek blijft. Katten kunnen beloond worden met het gebruik van Pipolinos of andere speelgoedjes of lekkers die geschikt zijn voor katten. Blijf wel bij de hond of kat in de buurt en zorg dat u zichtbaar voor hem/haar bent als hij/zij op zijn veilige plekje is.

3. Wanneer uw hond of kat onrustig wordt, omdat er vuurwerkgeluiden zijn, geef hem/haar dan rustig het commando “haven” (een andere woord is ook prima zolang het verder niet bekend is bij het dier) en breng hem/haar naar de veilige haven (als hij/zij er zelf dan al niet heen gaat). Geef het dier daar, eventueel, wat lekkers waar hij/zij even zoet mee is om hem/haar af te leiden. Heeft hij/zij hier geen interesse in, laat het dan gewoon liggen. Het zou best kunnen dat hij/zij het later wel pakt. Wil het dier niet naar deze plek gaan? Dwing hem/haar dan niet, anders wordt de plek als eng beschouwd.

4. Zorg dat de deur naar de ruimte waar de veilige plek is, altijd open is, ook als u niet thuis bent (het is uiteraard wel de bedoeling dat u thuis blijft bij het dier als er vuurwerk afgestoken wordt). Zo kan hij/zij zich er altijd terugtrekken als hij/zij daar behoefte aan heeft. Als een bench gebruikt wordt, zorg dan ook dat de deur van de bench altijd open staat.

Waarschuwing: Uit wetenschappelijk onderzoek en klinische ervaring weten we dat veel honden met vuurwerkangst ook andere geluidsfobieën hebben en sommige hebben ook verlatingsangst en/of een gegeneraliseerde angststoornis. (Echter is dit niet bewezen bij katten). Vaak beseffen eigenaren het niet als hun hond ook verlatingsangst heeft (ook kunnen katten van verlatingsangst lijden). Wees alert. Laat uw huisdier niet lijden. Ga altijd naar uw dierenarts toe als u vermoedt dat uw huisdier een geluidsfobie heeft!

* Sommige honden worden rustiger in een bench. Mocht uw hond al gewend zijn aan een bench, dan kunt u proberen om de bench in te zetten bij zijn/haar veilige haven. Plaats dan in die hoek/plek de bench voor uw hond en maak deze zo “geluidsdicht” mogelijk door er dekens overheen te leggen. Maar let op want sommige honden vinden het verschrikkelijk om in een bench te zitten als ze angstig zijn. Als uw hond hier problemen mee heeft, plaats hem/haar dan niet in een bench. Zet uw kat niet in een bench.

© Valerie Jonckheer-Sheehy 2016

Kennelhoest

Kennelhoest

Wat is kennelhoest?

Als een hond kennelhoest heeft is er sprake van een infectie van de voorste luchtwegen. De voorste luchtwegen zijn de neus, de keel, de luchtpijp en de bronchiën.

Een kennelhoestinfectie wordt veroorzaakt door een combinatie van verschillende virussen en een bacterie. De virussen die een rol kunnen spelen zijn onder andere Parainfluenza en Canine Adenovirus type 1 en 2. De bacterie die kennelhoest kan veroorzaken is Bordetella Bronchiseptica
De incubatietijd (de tijd tussen het moment van besmetting tot het moment van de symptomen) is ongeveer tussen drie en tien dagen.

Kennelhoest is zeer besmettelijk. Voor een hond die in een goede conditie verkeert is de ziekte niet levensbedreigend.
Pups en oudere honden zijn er vaak zieker van dan volwassen honden.

Omdat kennelhoest zo besmettelijk is lopen honden deze ziekte meestal op op plaatsen waar veel honden samenkomen zoals op hondententoonstellingen, hondenclubs, hondenuitlaatplaatsen en ook bijvoorbeeld tijdens een verblijf in een hondenpension.
Door het verspreiden van zeer kleine vochtdruppels bij het hoesten en/of niezen besmet de hond andere honden in zijn of haar omgeving. Uiteraard kan ook direct contact of het eten en drinken uit eenzelfde bak een besmetting veroorzaken.

Symptomen en behandeling

Het meest kenmerkende symptoom van kennelhoest is een kucherige of blaffende hoest. Ook kan de hond daarbij kokhalzen en wat slijm opgeven. Soms zijn honden wat sloom en koortsig maar lang niet alle honden voelen zich ziek van kennelhoest.

Een kennelhoestinfectie kan, net als griep bij mensen, binnen een paar dagen vanzelf overgaan. Het kan in zeldzame gevallen ook verergeren tot bijvoorbeeld een longontsteking of chronische bronchitis.
Als het hoesten langer aanhoudt dan een paar dagen, en/of als uw hond ziek en sloom wordt, kunt u het beste contact opnemen met uw dierenarts zodat deze een behandeling kan starten.

Kennelhoest wordt behandeld met een antibioticakuur en eventueel een hoestdrankje. Een beetje honing kan bij beginnende symptomen ook zorgen voor verzachting van de keel.
Verder kunt u zelf zorgen voor zachte voeding. Ook adviseren we een tuigje te gebruiken tijdens het wandelen zodat er geen druk van een halsband op de keel komt. Tevens is het belangrijk de hond voldoende rust te geven en geen inspannende activiteiten te laten doen, zoals bijvoorbeeld achter een bal aan rennen.

Vaccineren

Ter voorkoming van kennelhoest kunt u uw hond laten vaccineren. In de jaarlijkse vaccinatie (de cocktailenting) zit een klein, te verwaarlozen, deel bescherming.
In de aparte enting tegen kennelhoest wordt geënt tegen Para-influenza en de Bordetella Bronchiseptica bacterie. Deze enting wordt toegediend via de neus in de vorm van druppels, of door middel van een injectie.
In sommige pensions is deze vaccinatie verplicht/aanbevolen omdat daar veel honden bij elkaar zijn en er dus een grotere kans op besmetting aanwezig is. Er hoeft immers maar één hond te zijn met kennelhoest om vele honden te besmetten. Houdt u er echter wel rekening mee dat de vaccinatie geen 100% bescherming biedt. Dit komt doordat de virussen die kennelhoest veroorzaken steeds van type veranderen. U kunt dit vergelijken met het griepvirus bij mensen.

Overgewicht

Overgewicht

Overgewicht bij hond en kat

Overgewicht bij uw huisdier is veelal het gevolg van de opname van teveel calorieën gedurende een langere periode. Als uw hond of kat ouder wordt neemt het risico op het ontwikkelen van overgewicht toe. Ook als uw dier gesteriliseerd of gecastreerd is loopt het een groter risico op overgewicht.
Het vervelende van overgewicht is dat, wanneer het eenmaal is ontstaan, het heel moeilijk is om het gewicht weer gezond te krijgen. Vaak blijven dieren dan, ondanks dat zij minder voeding krijgen, te dik. Voorkomen is daarom beter dan genezen!

Hoe overgewicht ontstaat

Dieren met overgewicht krijgen te veel voeding voor hun lichaamsbeweging. Een hond die veel beweging krijgt heeft meer voeding nodig dan eenzelfde hond die weinig beweging krijgt. De advieshoeveelheden die u op de verpakkingen van hondenvoer aantreft zullen daarom niet voor iedere hond juist zijn.
Ditzelfde geldt uiteraard voor katten: een huiskat zal doorgaans minder voer nodig hebben dan een kat die de hele dag buiten loopt.
Na castratie of sterilisatie is het belangrijk om goed op het gewicht van uw dier te letten. Doordat dan de hormoonhuishouding verandert heeft het lichaam minder voeding nodig. Vaak blijven eigenaren dezelfde hoeveelheden voeren waardoor huisdieren overgewicht ontwikkelen.
Sommige ziektes/aandoeningen kunnen ervoor zorgen dat er ongewenste gewichtstoename ontstaat, bijvoorbeeld schildklieraandoeningen of de ziekte van Cushing.
Ook kunnen bepaalde geneesmiddelen effect hebben op de gewichtstoename.
De leeftijd van een dier speelt ook een rol: een ouder wordend dier wordt minder actief en heeft daardoor langzaamaan minder of andere (senioren) voeding nodig.
Tenslotte kan het ook rasafhankelijk zijn: sommige rassen zijn gevoeliger voor gewichtstoename, zoals bijvoorbeeld de labrador retriever.

Wanneer is uw dier te dik ?

U moet de ribben van uw dier goed kunnen voelen als u met uw handen over de borstkas voelt. Wanneer de ribben uitsteken is uw dier te mager en als u erg moet drukken om de ribben te voelen dan is uw dier te dik.

De gevolgen van overgewicht voor de gezondheid van uw dier

Een dier dat te zwaar is wordt minder actief en zal dus, als de hoeveelheid voeding niet wordt aangepast, steeds meer in gewicht toenemen. Dit komt de algehele lichamelijke gesteldheid uiteraard niet ten goede.
Een dier met overgewicht leeft gemiddeld twee jaar korter dan een dier dat een gezond gewicht heeft. Huisdieren met slechts een klein beetje overgewicht hebben al een hoger risico op bepaalde ziektes, zoals bijvoorbeeld hartproblemen, suikerziekte of gewrichtsontstekingen. Dit risico begint al bij een overgewicht van 20%. Dit houdt in dat het risico dus al aanwezig is bij een hond die 25 kilo hoort te wegen en 5 kilo te zwaar is.

Dieetvoer

Er zijn verschillende dieetvoeren beschikbaar die kunnen helpen bij het laten afvallen van uw dier. Door een aangepast dieetvoer te geven weet u zeker dat uw dier wel alle nodige voedingsstoffen binnenkrijgt maar toch afvalt. Deze dieetvoeders zijn zo ontwikkeld dat uw dier zo min mogelijk last zal ondervinden van een hongergevoel.

Hulp bij het laten afvallen van uw huisdier

Wanneer u wilt bieden wij u kosteloos hulp aan bij het laten afvallen van uw hond of kat.
Onze gewichtsconsulente Laurie begeleidt u graag bij het op een verantwoorde wijze laten afvallen van uw dier. Zij gaat samen met u het gewicht van uw dier controleren en met u bespreken wat er mogelijk is met betrekking tot de voeding. Zij zal met u vervolgafspraken maken om uw dier te wegen en de voortgang te bespreken.
Wanneer u van haar hulp gebruik wilt maken kunt u contact opnemen met de praktijk en een afspraak maken met Laurie.
Omdat wij het belangrijk vinden om gewichtsgerelateerde problemen te voorkomen zijn er geen kosten verbonden aan deze gewichtsconsulten.

Let op: het plotseling halveren van voeding kan zeer nadelig zijn voor de gezondheid. Overleg daarom altijd even met uw dierenarts alvorens zelf stappen te ondernemen.

Titerbepaling met VacciCheck

Titerbepaling met VacciCheck

Honden worden tegen verschillende ziektes gevaccineerd:

Het canine parvovirus (CPV)
Het canine distempervirus (CDV= hondenziekte)
Het canine adenovirus (CAV= besmettelijke leverziekte)
Leptospirose (Ziekte van Weil)

(voornoemde vier vaccins vormen samen de zgn. complete cocktailvaccinatie)
en eventueel besmettelijke hoestziekte (kennelhoest).

Ons beleid ten aanzien van het vaccineren

Wij vaccineren voldoende maar niet overbodig;
De vaccins tegen het canine parvovirus, het canine distempervirus en het canine adenovirus werken minimaal drie jaar en tegen deze ziektes hoef je niet ieder jaar te vaccineren.

De vaccinaties tegen de Ziekte van Weil en eventueel besmettelijke hoestziekte, dienen echter wel ieder jaar te worden gegeven omdat de bescherming van het vaccin tegen deze ziektes niet langer aanhoudt dan een jaar.

Als pup krijgt de hond op de leeftijd van negen en twaalf weken een complete cocktail. Op de leeftijd van een jaar wordt deze cocktail herhaald om te zorgen dat er voldoende afweerstoffen worden opgebouwd. De daaropvolgende twee jaren kan worden volstaan met het enten tegen alleen de Ziekte van Weil. Het daaropvolgende jaar (als uw hond vier jaar is) wordt de complete cocktail weer gegeven.
Met dit vaccinatiebeleid weten we zeker dat we het veilig doen: dat we de dieren niet teveel belasten met vaccinaties, dat we de dieren geen onnodige risico's laten lopen en ze een goede bescherming bieden.

Titerbepaling

Uit onderzoek is gebleken dat de bescherming van de vaccinatie tegen het parvovirus, het distempervirus en het adenovirus langer KAN aanhouden dan de drie jaren die in de regel worden aangehouden.

Het is mogelijk om door middel van een bloedonderzoek een titerbepaling te doen om te bepalen of er nog voldoende afweerstoffen aanwezig zijn tegen:

Het canine parvovirus (CPV)
Het canine distempervirus (CDV= hondenziekte)
Het canine adenovirus (CAV= besmettelijke leverziekte)

Als uit de titerbepaling blijkt dat er nog genoeg antistoffen aanwezig zijn dan is het niet nodig uw hond dat jaar te vaccineren tegen de voornoemde drie virussen.

Zoals vermeld dienen de vaccinaties tegen de Ziekte van Weil en eventueel besmettelijke hoestziekte wel ieder jaar te worden gegeven omdat de bescherming van het vaccin tegen deze ziektes niet langer aanhoudt dan een jaar.

Pups

Pups worden gevaccineerd op de leeftijd van zes, negen en twaalf weken.
Het is mogelijk om een titerbepaling te doen bij pups op de leeftijd van 16 weken om te onderzoeken of er voldoende antistoffen aanwezig zijn. In de regel is dit wel het geval maar er zijn uitzonderingen. Wanneer na een titerbepaling blijkt dat er onvoldoende antistoffen aanwezig zijn, dan dient te pup opnieuw te worden gevaccineerd.

De VacciCheck

Wanneer u besluit uw hond te laten titeren, dit zal meestal zijn als uw hond ongeveer vier jaar oud is omdat dan de volledige cocktail weer gegeven dient te worden, dan kunt u het beste telefonisch een afspraak maken.
We nemen voor de test enkele druppels bloed af bij uw hond. U kunt uw hond dan meteen weer mee naar huis nemen.
Vervolgens wordt dit bloed door ons gecontroleerd op antistoffen door middel van de VacciCheck. Wij nemen hierna telefonisch contact met u op om de uitslag te bespreken. Wanneer er nog voldoende antistoffen aanwezig zijn dan wordt in het vaccinatieboekje de vaccinatie voor een aantal jaren (afhankelijk van de uitslag) afgetekend. Wanneer uit de uitslag blijkt dat er niet voldoende antistoffen aanwezig zijn dan dient uw hond opnieuw te worden gevaccineerd.

Feit blijft dat uw hond ieder jaar de vaccinatie tegen de Ziekte van Weil en eventueel besmettelijke hoestziekte moet krijgen omdat deze nu eenmaal niet langer werkt dan een jaar.

Voor wie?

De Vaccicheck kan gedaan worden bij iedere hond.
De check is met name geschikt voor honden die bij een eerdere vaccinatie een overgevoeligheidsreactie hebben laten zien of honden die door ziekte een slechte weerstand hebben.
Eigenaren die alleen willen vaccineren als is aangetoond dat de hond te weinig antistoffen heeft kunnen de check uiteraard ook laten uitvoeren. Het juiste moment om dit te doen is als de hond vier jaar is omdat dan de volledige cocktail weer gegeven moet worden volgens het reguliere schema.

Wanneer?

Iedere laatste woensdag van de maand kunt u bij ons een titerbepaling laten doen.

Kosten

Het laten titeren van uw hond kost €42,50.
Houdt u er rekening mee dat de vaccinaties tegen de Ziekte van Weil en (eventueel) besmettelijke hoestziekte wel nog ieder jaar gegeven dienen te worden omdat deze ziektes niet getiterd kunnen worden.

Terug naar infotheek
Naar boven